MSK Gent zet vrouwelijke kunstenaars in de kijker
71189
post-template-default,single,single-post,postid-71189,single-format-standard,bridge-core-3.1.2,qode-page-transition-enabled,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-30.1,qode-theme-bridge,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-7.1,vc_responsive
 

MSK Gent zet vrouwelijke kunstenaars in de kijker

MSK Gent zet vrouwelijke kunstenaars in de kijker

Met als titel ‘Onvergetelijk…Vrouwelijke kunstenaars van Antwerpen tot in Amsterdam, 1600-1750’ brengt MSK Gent’ een eerbetoon aan de vele vrouwelijke kunstenaars uit die periode.  MSK toont 143 werken, zowel schilderijen als prenten, beeldhouwwerken, kant en papierknipkunst van een 40-tal bekende en onbekende vrouwelijke kunstenaars.

De Vlaamse schilderkunst in de 17 eeuw werd gedomineerd door de barok met als grootmeesters Peter Paul Rubens, Anthony van Dyck, Jacob Jordaens, Frans Snyders, Jan Brueghel de Oude,…

Vrouwelijke schilders uit die periode zijn nauwelijks bekend.  Hun werk werd vaak overschaduwd door mannelijke tijdgenoten.  Sommigen konden toch doorbreken en door hun specialisatie in krachtige barokschilderijen, portretten of verfijnde bloemstillevens, een succesvolle carrière uitbouwen.

Louise Hollandine van de Palts, Zelfportret, ca. 1650-55. Particuliere verzameling

Zelfportretten

Wie die vrouwelijke kunstenaars waren, zien we in de eerste themaruimte waar hun zelfportretten hangen.  Bezoekers maken er kennis met o.a. Michaelina Wautier, Judith Leyster, Maria Schalcken, Maria Sibylia Merian, Rachel Ruysch en Louise Hollandine van de Palts wiens zelfportret ook het campagnebeeld is

Zelfportretten waren voor vrouwelijke kunstenaars een krachtig middel om zichzelf zichtbaar te maken en hun professionele identiteit te claimen.  Met de blik gericht op de toeschouwer portretteerden velen zich bij hun schildersezel, penseel en palet in de hand.  Anderen, zoals Johanna Helena Herolt, kozen voor een subtiele aanpak en verborgen hun zelfportret in een lichtreflectie.

Judith Leyster, Zelfportret, ca. 1630. National Gallery of Art, Washington, DC

Standenverschil

Vrouwelijke kunstenaars koesterden ambities, maar de mogelijkheden werden bepaald door hun afkomst.  De elite beschouwde het beoefenen van kunst niet als een beroep, maar als een sociale bezigheid.  Vrouwen als Louise Hollandine van der Palts  en Cathariba Backer kregen les van professionele kunstenaars of gebruikten receptenboeken om hun artistieke vaardigheden te ontwikkelen.  Hun kunst diende vaak als relatiegeschenk voor familie, sociale relaties en had soms huwelijkspolitieke doeleinden.

Vrouwen uit de middenklasse zoals Josina Margaretha Weenix en Catharina van Knibbergen kwamen meestal uit een creatief milieu. Hun opleiding situeerde zich binnen het familieatelier en diende vooral om de continuïteit van het bedrijf te waarborgen.

Van vrouwen uit alle sociale klassen werd verwacht dat zij zich konden behelpen met handwerk om zo in hun levensonderhoud te voorzien. De kennis van het naaien, borduren en kantklossen werd veelal doorgegeven van moeder op dochter, maar evengoed via wees- en tuchthuizen.

Sociale verwachtingen

Anoniem, Huwelijkswaaier in Brusselse kloskant, 1e kwart 18e eeuw. Museum Kunst en Geschiedenis, Brussel

Meisjes werden al van jongsaf voorbereid op hun rol als echtgenote en moeder wat hun artistieke carrière beperkte. Zo moest Anna Francisca de Bruyns haar penseel vaak neerleggen om zorg te dragen voor haar gezin.   Rachel Ruysch daarentegen kon door haar sociaal en financieel bevoorrechte positie tot haar 80ste levensjaar nog schilderen.

Wie over voldoende sociale en financiële middelen beschikte kon ongehuwd blijven  en kiezen voor een leven als non zoals Louise Hollandine van de Palts of als geestelijke dochter zoals Catharina II Ykens.

Vergeten?

De tentoonstelling  sluit af met de vraag waarom zoveel namen uit de tentoonstelling nauwelijks bekend zijn. Vele vrouwen genoten in hun tijd wel degelijk aanzien. Na hun dood verdwenen ze vaak uit beeld, door verkeerde toeschrijvingen  de onzichtbaarheid van hun werken in privécollecties of museumdepots. Vaak traden vrouwelijke kunstenaars pas naar buiten na het overlijden van het hoofd van het atelier. Hun werk dat voordien door hun vader, broer of oom gesigneerd werd, werd nadien onder hun eigen naam verkocht. Met de tentoonstelling ‘Onvergetelijk’ geeft  het MSK deze kunstenaars eindelijk de plaats die ze verdienen.

Praktisch: Onvergetelijk in MSK Gent loopt tot   31 mei. Bij de tentoonstelling hoort ook een catalogus die naast de afbeeldingen van de getoonde werken ook biografieën, essays en analyses bevatten.
Meer info via mskgent.be/onvergetelijk

Tekst Rita Goethals

Foto’s MSK Gent – Header: Martin Corlazzoli